Vruchtenmuffins.

Voor 12 stuks


Wat heb je nodig:

75 gram roomboter

200 gram bloem

1/2 theelepel dubbelkoolzure soda 

2 theelepels bakpoeder (zeef deze, klontjes smaken heel vies!)

75 gram fijne kristalsuiker

snufje zout

2 deciliter karnemelk

1 groot ei

200 gram fruit

Ik gebruik zelf voor het fruit meestal diepvriesfruit zoals blauwe bessen, frambozen of aardbeien. Gewoon bevroren door het beslag mengen, dan blijven ze mooi heel. Na het bakken zijn ze heerlijk zacht, zonder tot moes te koken. Bovendien zijn ze (zeker buiten het seizoen) een stuk goedkoper dan vers fruit. Je kunt natuurlijk ook vers fruit zoals appel, abrikoos of peer nemen.


Hoe maak je het:

Verwarm de oven voor op 200 C.

Laat de boter smelten (in een pannetje of in de magnetron op laag wattage)

Meng alle droge ingrediënten in een kom.

Meng in een andere kom de boter, ei en karnemelk.

Giet nat bij droog en schep om. Meng niet te veel, dat maakt de muffins taai en compact.

Schep het fruit er door.

Zet 12 papieren muffinvormpjes in een muffin bakplaat (of los op een gewone bakplaat als je geen muffinvorm hebt. Haal deze dan wel voor het voorverwarmen uit de oven en zet de papieren bakjes meteen hierop. Eenmaal gevuld worden ze heel slap.Vul ze tot maximaal 2/3)

Vul de muffinvormpjes met het beslag. Als je van een "echte" muffinvorm houdt (in het Engels een muffintop genoemd,), dan moet je de vormpjes helemaal vullen, zodat er bij het rijzen een kop op komt. Dan heb je wel iets minder dan 12 muffins. Gebruik hiervoor wel een muffinbakvorm, die is steviger. Anders storten de papieren vormpjes in.

Bak de muffins 20 minuten tot ze mooi goudbruin en goed gerezen zijn.